­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

Kent u het woord ‘hoogfeest’? Het is een van die typisch katholieke woorden. Buiten de katholieke kerk wordt deze term niet tot nauwelijks gebruikt. Vraag ik u: ‘Hoeveel hoogfeesten zijn er eigenlijk in een kerkelijk jaar?’, dan antwoordt u waarschijnlijk: ‘drie, namelijk Kerstmis, Pasen en Pinksteren’. Uw antwoord is maar gedeeltelijk goed. De door u genoemde feesten zijn de belangrijkste hoogfeesten, inderdaad, maar ons kerkelijk jaar kent er meer.

Een week na Pinksteren vieren we het hoogfeest van de Heilige Drie-eenheid. Het klopt dat we dit hoogfeest bepaald gewoontjes vieren. In het parochieblad maken we er niet veel reclame voor en er komen voor dit feest niet extra veel mensen naar de kerk. Voor uw pastor geldt dit feest altijd als een wat ongemakkelijk hoogfeest. De kerk stelt op deze eerste zondag na het feest van de Geest de drie-ene God centraal. En ik denk dan altijd: ‘Ja, maar die staat in de Kerk en tijdens elke kerkdienst toch altijd al centraal?’ Waarom dan één zondag in het jaar uitgekozen om er bijzonder de aandacht op te vestigen?

Op Drie-eenheidszondag kom je als voorganger in de verleiding tijdens de overweging uitleg te geven over de Heilige Drie-eenheid. Natuurlijk heb ik dat in een kerkdienst weleens gedaan, maar altijd heb ik daarbij het ongemakkelijke en gênante gevoel gehad me op glad ijs te begeven. Alsof je iemand de werking van een telraam uitlegt of hoe een kerncentrale werkt… Kun je God uitleggen? Op een website las ik: ‘De Drie-eenheid op een gemakkelijke manier uitgelegd…’ Het eerste wat ik dacht: je kunt de H. Drie-eenheid niet uitleggen, laat staan op een gemakkelijke manier. Probeer je het toch, dan lijkt dat sterk op menselijke hoogmoed.

Altijd ga ik ervan uit dat God allereerst een mysterie is. Voordat we iets gaan zeggen over God, moeten we ons realiseren dat Hij niet te vatten is voor ons. We kunnen God niet zien, niet betasten, niet ruiken, niet horen en niet smaken. Voor ons verstand is Hij niet te vatten. Hij overstijgt onze werkelijkheid. Dit besef maakt alle beelden die we van God hebben heel relatief.

Gelovige mensen lijken in hun spreken nog weleens tot uitdrukking te brengen dat ze de God in wie ze geloven heel goed kennen. Maar…ongelovige mensen stappen vaak in dezelfde valkuil!  De God, in wie ze niet meer geloven, die kennen ze heel goed. Dat is bijvoorbeeld de God die de beste bedoelingen had met jou, je vader, je broertjes en je zusjes, toen je moeder op haar 38ste overleed… De pastoor had het zelf zogezegd…    Naderhand dacht je: als God zó is, dan hoef ik niet meer in Hem te geloven. Die pastoor gaf je op een heel kwetsbaar moment van je leven een beeld mee van God, waar jij –terecht, zou ik zeggen- niets mee kon. Dat beeld heb je overboord gekieperd, maar nu denk je dat je afscheid genomen hebt van God zelf. Maar God is heel iets of iemand anders, dan de beelden die we in ons hoofd en in ons hart van Hem maken.

Misschien wil het hoogfeest van de Heilige Drie-eenheid ons dit zeggen: laten we eerst eens een tijdje over God zwijgen, voordat we over Hem gaan spreken. Vanuit de stilte kunnen er nog weleens woorden over Hem opkomen, die wél zinvol zijn.

Pastoor K. Tolboom
­