­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

De 40-dagentijd mag voor ons een tijd zijn van bezinning, van zoeken naar inspiratie, naar woorden die zin geven aan ons leven. Eén zo’n woord is het woord ‘hoop’. Hoop associëren we meestal met iets wat we nu nog niet zien, met iets wat nog in de toekomst verborgen ligt. Hoop op een toekomst waarin heel onze schepping bevrijd zal zijn van al het lijden wat we nu zien.
Is er nu al iets te zien wat die hoop voor ons rechtvaardigt?

Met andere woorden: gaat het al een beetje vooruit met onze wereld? Natuurlijk, er gebeurt veel goeds tussen mensen, en ook in onze wereld, als we het willen zien. Maar de andere kant van ellende, aanslagen en wat al niet meer, overschaduwt dit volledig.

Moeten we dan maar aanvaarden dat de wereld nu eenmaal is zoals die is, en dat dit ook wel zo zal blijven?  Of mogen we onder hoop ook nog iets anders verstaan? Hoop als een innerlijke kracht die de wanhoop weerstaat en sterker is dan elk cynisme!

Zoals de rabbi in een vernietigingskamp, die van de schaarse voeding wat vet gespaard had om op het feest van Chanoeka een kaars te kunnen branden, en zei: ‘een mens kan weken zonder eten, maar geen dag zonder hoop.’ Ontstak de rabbi die kaars omdat hij hoopte dat God hem zou komen redden uit het kamp? Was hij bezig met hoe het met hem en de zijnen zou aflopen? Het was veelmeer een gebaar tegen de wanhoop en tegen de machten van de duisternis.

Iemand die midden in de ellende staande blijft, is een teken van hoop. Hij of zij verwijst niet zozeer naar een betere toekomst, maar naar die diepe kracht in mensen die blijven geloven in het goede. Het Rijk Gods is in u, zei Jezus ons!

Dat onze hoop niet alleen gericht mag zijn op iets wat in de toekomst zal gebeuren, maar op iets wat er – hoe onzichtbaar vaak ook – in ieder van ons al is: grenzeloze kracht en liefde ons door God gegeven.

Wij zijn op weg naar Pasen!

Pastor Truda de Boer
­