­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

Lezingen: Deuteronomium 6,2-6 en Marcus 12,28b-34

Beste broeders en zusters!
Ga je je diepgaand bezighouden met geloof en godsdienst, dan loop je het risico op een gegeven moment door de bomen het bos niet meer te zien. Je komt in aanraking met allerhande opvattingen, normen en regels. En probeer je daar één consistent geheel van te maken, dan kom je erachter dat dat niet lukt. Levensgroot doemt de vraag op: wat moet ik ermee?

Ook de wetgetrouwe joden uit de tijd van Jezus moeten wel tegen dat probleem zijn aangelopen. In de wet van Mozes, de zgn. Tora vond men 613 bepalingen die men na moest leven. 365 verboden en 248 geboden. Nu zal het naleven van die regels de een beter af zijn gegaan dan de ander. Toch zal iedereen wel regelmatig tegen dat gevoel zijn aangelopen dat het een onbegonnen zaak was. 613 bepalingen…ga er maar aan staan. Je zult zien: het lukt je niet.

Ook bij ons in de katholieke kerk is zoiets aan de hand. Dik twintig jaar geleden kwam in Rome de officiële catechismus van de katholieke kerk uit. Een enorme pil, waarin staat wat de precieze leer is van onze kerk, maar ook waar eenieder zich aan te houden heeft. Ik kan u verzekeren: ontmoedigende lectuur. In mij kwam het gevoel omhoog: dat lukt me nooit! Hoe kan ik nu beantwoorden aan al die regels en regeltjes?

Beste mensen, als je in een ver, vreemd land bent en je wilt er een wandeling maken door bijvoorbeeld een heel groot oerwoud, ga dan niet zonder gids. Zonder een goede gids verdwaal je. Alleen een gids kan je vertellen waar je in dat oerwoud voor op moet passen. Alleen een goede gids kan je vertellen waar de slangen zitten die je kunnen bijten. Alleen een goede gids weet hoe je op een veilige manier om de krokodillen heen kunt wandelen.

Ik denk dat we ook zo’n goede gids nodig hebben, als we ons begeven in kerk, geloof en godsdienst. Je komt er zoveel in tegen, dat een goede gids onontbeerlijk is.

Wat kunnen we tegenkomen als we een wandeling gaan maken in het oerwoud van kerk en geloof en we nemen geen goede gids mee. Waar we tegenaan kunnen lopen, is schijnvroomheid en schijnheiligheid. Je lijkt heel heilig en heel vroom, maar ondertussen licht je de hand met een aantal belangrijke regels van de godsdienst. Je doet je beter voor dan je in feite bent. Je buitenkant is net iets mooier dan de binnenkant. Ik vermoed dat we dit probleem allemaal in onszelf wel herkennen. We doen onszelf vaak net iets beter voor dan we in werkelijkheid zijn. Waar we ook tegenaan kunnen lopen dat is dat we zeggen: ‘ik ben wel christen en ik probeer een goed leven te leiden, maar dat kan ik wel zonder kerk.’  Het klinkt ons misschien wel prettig en aangenaam in de oren. Je leidt wel een christelijk leven, maar zonder de poespas van de kerk. Er zit iets in van gemakzucht, lijkt me, maar ook iets van arrogantie. ‘Ik heb de geloofsgemeenschap niet nodig, ik kan wel alleen een christelijk leven leiden, ook kan ik wat er in de kerk verkondigd en gezegd wordt eigenlijk wel missen. Mijn vraag is dan: ‘Kun je dat inderdaad wel missen??’

Wat we in het oerwoud van de kerk ook nog wel eens tegen willen komen, dat is dat mensen niet meer met elkaar praten. En dat op allerhande niveau. Van hoog tot laag. Mensen hebben dan teveel pijn aan elkaar opgelopen. Of door de ene partij is teveel gepraat en de ander heeft te weinig geluisterd. Of je hebt het gevoel (wat ook nog al eens voorkomt) dat er nooit naar je is geluisterd, nu ja, waarom zou je dan nog praten…ze horen het toch niet!!!

Beste mensen, als we zo met z’n allen een wandeling maken door het oerwoud van kerk, geloof en godsdienst, dan ligt er heel wat op de loer! Wat we nodig hebben is een goede gids. Die gids moet ons dan door de bomen het bos weer laten zien. Die gids moet ons om de gevaren heen leiden.

Die gids geeft Jezus ons vandaag in het evangelie. Het is de opdracht van de liefde voor God en mens.  Ons doen en laten, al ons praten en zwijgen moet gedragen worden door die liefde. De liefde maakt je van een schijnchristen tot een authentiek mens. De liefde verandert onverschilligheid in betrokkenheid. De liefde geeft een nieuw begin waar mensen met elkaar niet meer communiceren. Als we de weg niet meer weten in de kerk en in het geloof, hoeven we ons alleen maar dit ene woordje te binnen te brengen en dat is het woordje ‘liefde’. Daar is het allemaal om begonnen. God heeft ieder van ons lief. Niet omdat we zoveel gepresteerd hebben, maar gewoon omdat we Zijn kind zijn. En die liefde mogen we verder dragen in ons leven.

Dat de lamp van de liefde ons verdere leven mag verlichten. Dan zullen we niet verdwalen. Dan kunnen we om de valstrikken heen. Dan zullen we ook meer het vermogen hebben de liefde van God in ons eigen leven te ervaren.

AMEN.

­