­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

agenda 5a

Jesaja 9, 1-3.5-6, (Jesaja 52, 7-10) Lucas 2, 1-20

‘Eer aan God in den hoge, en vrede op aarde voor alle mensen die Hij liefheeft..’
Of zoals het zo mooi in het kerstevangelie staat: ‘voor alle mensen in wie Hij welbehagen heeft’..
Wie zijn die mensen? Horen wij daar ook bij? En hoe is dat dan voor ons?

Het lijkt zo vanzelfsprekend: voor alle mensen die God liefheeft. En natuurlijk hoort iedereen daar bij, wij ook. Maar zijn we ons ook bewust van die liefde, betekent het iets voor ons? Hoe is het om te horen dat er van ons gehouden wordt. En dat niet een klein beetje, nee, het gaat hier om een onvoorwaardelijke liefde, een liefde zo alomvattend dat wij ons dat eigenlijk niet eens kunnen voorstellen. Een liefde die veel verder gaat dan wat mensen elkaar kunnen geven, zonder daar ook maar iets aan af te willen doen.

Op een andere plek in de Bijbel staat: ‘Ik heb u liefgehad met eeuwige liefde. Ik heb u in mijn handpalmen gegrift voor altijd. Ik houd van u, ik omarm u. U bent van mij en ik van u. U behoort mij toe.’
Als we dit kunnen horen, als we dit binnen durven laten komen in ons hart, kan dat ons leven veranderen. Er is een eeuwigdurende Liefde die met ons is! Misschien denkt u nu: jeetje, dat is wel een beetje hoogdravend. Bovendien merk ik daar niet zoveel van. Je moest eens weten  wat er in mijn leven allemaal speelt. Hoezo, eeuwigdurende liefde.
En als we kijken naar wat er allemaal gebeurt in onze wereld staat dat maar al te vaak in schril contrast met liefde, laat staan met liefde die voor altijd is, met eeuwigdurende liefde.

U bent, jullie zijn hier naar toe gekomen. Misschien met ergens toch een verlangen dat we over alles wat gebeurt in onze wereld, en in ons eigen leven, een ander licht mogen laten schijnen. Dat ‘het is nu eenmaal zoals het is’,
niet het enige is, wat we daarover kunnen zeggen. Mogelijk staan we daar helemaal niet zo bij stil, maar toch, u bent wél gekomen, en dat had u ook niet kunnen doen…
Wat is dan ons verlangen? Wat hopen we hier te mogen ervaren? Een gevoel van verbondenheid met elkaar, de muziek , de kerstliederen die ons raken, woorden die binnenkomen, misschien ook een moment van rust. Dat alles is mooi en goed, en mag er helemaal zijn.

Toch gun ik ons nog net iets meer. Ik gun ons dat het waar mag zijn voor ons, dat Gods liefde er ook is voor ons, in ons leven met alles wat daarbij hoort, in onze wereld, precies zoals die is! Kerstmis gaat over de essentie van ons bestaan. Het kind in de stal kan ons terugbrengen bij ons diepe verlangen naar liefde die eeuwig duurt, naar leven dat geborgen is, voor altijd! Maar hoe dan?

Op het eerste gehoor is ons kerstverhaal toch eigenlijk maar een onooglijk verhaal. Twee arme ouders die onderweg zijn, en waarvoor niemand een plaats heeft waar zij kunnen verblijven. Een kind wat geboren wordt
onder erbarmelijke omstandigheden in een stal.
Het is niet heel erg moeilijk om dit kerstverhaal op onze wereld te plakken. We kunnen zo een aantal soortgelijke verhalen vertellen. Verhalen van mensen die op de vlucht zijn, en onder vreselijke omstandigheden moeten zien te overleven. En gaat het dan over liefde, over leven dat geborgen is? Eerder het tegendeel toch.

Wat maakt het kerstevangelie dan zo anders? Eigenlijk niets! Het is het verhaal van ons leven, van onze wereld. Daar kan God aan het licht komen, daar wil Hij ons laten zien hoe dicht Hij bij ons komt. Het kerstevangelie is niet anders, en tegelijk volkomen anders! Over een wereld met onbehagen wordt Gods welbehagen uitgesproken.

Dat zijn niet alleen maar mooie woorden, maar woorden met een ongelooflijk diepe inhoud. Aan een wereld, waar mensen zich vaak van God en iedereen verlaten voelen, dat was in de tijd waarin dit kerstevangelie werd geschreven zo, en dat is nu zo, wordt gezegd dat er van ons gehouden wordt, met een liefde die nooit zal verdwijnen!
In die liefde zijn wij volkomen veilig! Zelfs al lijkt alles in ons leven en in onze wereld van het tegendeel te spreken. Maar wat hebben we dan aan deze woorden? Deze woorden krijgen betekenis voor ons wanneer ze binnen mogen komen, wanneer iets in ons zich opent, al is het ook maar een heel  klein kiertje voor deze liefde die God ons zó graag wil geven!
Het kind in de kribbe groeide uit tot een mens die ons heeft laten zien dat het kan; dat leven in openheid voor Gods liefde, ons tot mensen maakt die die liefde ook uitstralen naar alles en iedereen in onze wereld.

Bij de doop van Jezus in de Jordaan klonken opnieuw de woorden: ‘Gij zijt mijn Zoon, de geliefde, in U heb ik mijn welbehagen.’ Woorden met dezelfde intentie als in het kerstevangelie.
Aan die stem heeft Jezus zich vastgehouden, zijn hele leven lang. Hij wist: wat er ook gebeurt, ik ben geliefd bij God! Dat is wie ik werkelijk ben! En daarom kan ik de weg gaan die ik ben gegaan. De weg van liefde tot het uiterste toe. En wat voor Jezus geldt, geldt ook voor ons. Ook wij zijn Gods geliefde zoon of dochter. Dat moeten we niet alleen met onze oren horen, maar veel meer met ons hart! Dat is wie wij zijn!
En dat waren we al voor onze geboorte, en dat zijn we voor eeuwig en altijd. Wanneer we ons hart openen, en dit werkelijk durven horen, is er dan nog iets om bang voor te zijn?

Kerstmis kan ons doen beseffen wie we werkelijk zijn. Mensen, gedragen door Gods liefde, die liefde mogen uitstralen naar alles en iedereen. En dat zal ons en onze wereld, hoe dan ook, in een ander licht zetten.

Zalig Kerstmis!

­