­

We hebben iets...
voor jou en voor jou
en voor jou

Als je het mij vraagt, geeft verschillende antwoorden op één vraag: Wie zijn voor jou de melaatsen in de maatschappij?

Op het eind van zijn leven legt Franciscus van Assisi (1182-1226) een soort testament (“regels”) vast voor zijn broeders. Zij moeten zich “verheugen als zij het leven delen van waardeloze en verachte mensen, van armen en zwakken, van zieken, melaatsen, bedelaars langs de weg”.
Zijn ontmoeting met melaatsen bracht hem tot een ander leven, een ommekeer. Hij stierf op 4 oktober, 44 jaar oud. Daarom rond deze datum deze keer geen zeven vaste vragen, maar enkele antwoorden op die ene vraag van Franciscus in deze tijd: Wie zijn voor jou de melaatsen in de maatschappij?

1. Grietje Middelbos-Wolters, Assen, 64 jaar
 Woonwagenbewoners. Het staat op je voorhoofd geschreven. Dat heb ik zelf ervaren. Waar woon je? Welke school heb je gehad? Als je zegt dat je in een wagen woont, krijg je geen werk. Ze zeggen: schooiers stelen en roven. Ik heb vaak gezegd: ik ben een woonwagenmeisje, ik kom uit de wagen, je mag het wel weten.    

2. Ingrid Swart, Roden, 66 jaar
Wij vinden het als leden van de Ghana Werkgroep erg, dat er nog steeds mensen op deze wereld zijn, die vanwege gebrek aan geld, geen toegang hebben tot: voedsel, goed onderwijs, juiste woonvoorziening, juiste infrastructuur.

3. Angelique Cairo, Assen, 27 jaar
“Als ik kon toveren” is een nummer van Herman van Veen, dat mij bijna tot idealist had gemaakt. Ik zou veel mensen willen helpen en de wereld veranderen tot een plek waar iedereen in vrede en harmonie leeft met elkaar.

4. Otto de Boer, Zuidlaren, 63 jaar
De toenemende polarisatie in de maatschappij en de groeiende kloof tussen arm en rijk baren me zorgen. Saamhorigheid en zoeken naar consensus zijn waarden die met name in de sociale media bijna niet zijn terug te vinden. Vooral in deze tijden ontdek ik steeds weer de waarde van het oude spreekwoord: Spreken is zilver, zwijgen is goud.

5. Jan Verlaan, Bovensmilde, 60 jaar
Melaatsen? Nou, dat zijn voor mij patiënten in de psychiatrie die nu tussen wal en schip vallen. Dat zijn er in mijn ervaring nog steeds te veel, mede door de bezuinigingen.

Willy van Olffen
­